Begaafdheid wordt vastgesteld door het afnemen van een IQ-test door een psycholoog of een orthopedagoog. Een IQ-test meet niet de kennis die men bezit maar het vermogen om kennis te verwerven en te gebruiken.

De eerste bruikbare intelligentietest voor kinderen werd in 1905 ontworpen door Alfred Binet en Théodore Simon.De grote ontwikkeling in het individueel testen van volwassenen begon pas met David Wechsler die in 1939 de WAIS (Wechsler Adult Intelligence Scale) publiceerde. Tien jaar later werd op soortgelijke basis een nieuwe test voor kinderen van 6 – 16 jaar op de markt gebracht, de WISC (Wechsler Intelligence Scale for Children). Dit is nu in Nederland en Vlaanderen de meest gebruikte intelligentietest voor kinderen. Daarnaast wordt voor kinderen van vier jaar en twee maanden tot elf jaar en twee maanden ook gebruik gemaakt van de RAKIT die ontwikkeld is aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. In Nederland wordt voor volwassenen ook veel de Groninger Intelligentietest (GIT) gebruikt.

Er bestaan ook speciale intelligentietests voor bepaalde categorieën mensen: Zo is er voor dove mensen de SON-test, zonder het gesproken of het geschreven woord. Asielzoekers kunnen getest worden met de COVAAR-test. Voor kinderen van 2,5 – 7 jaar is er de WPPSI. Voor kinderen van 4 jaar en 2 maanden – 11 jaar en 2 maanden is er de RAKIT-test. Deze is ook geschikt voor kinderen met een taalachterstand (speciaal onderwijs/allochtonen).

Bij kinderen kun je het IQ definiëren als: de verstandelijke leeftijd gedeeld door de lichamelijke leeftijd maal 100. Om de verstandelijke leeftijd uit te rekenen wordt de IQ-score gedeeld door 100 en vermenigvuldigd met de kalenderleeftijd. Voor volwassenen gaat die berekening niet op. David Wechsler definiëerde intelligentie als volgt: Intelligentie is het vermogen om doelgericht te handelen, rationeel te denken en effectief met de omgeving om te gaan.

  • Verstandelijk beperkt 69 en lager
    Moeilijk lerend 70 - 84
    Benedengemiddeld begaafd 85 - 99
  • 2,5% van de bevolking
    13,5% van de bevolking
    34% van de bevolking
  • ( 412.500 mensen)
    (2.227.500 mensen)
    (5.610.000 mensen)





Het gemiddelde iQ is 100

  • Bovengemiddeld begaafd 101- 115
    Begaafd 116 - 130
    hoogbegaafd 130 en hoger
  • 34% van de bevolking
    13,5% van de bevolking
    2,5% van de bevolking
  • (5.610.000 mensen)
    (2.227.500 mensen)
    ( 412.500 mensen)